Capecitabine Tabletten
Geneesmiddel: Capecitabine Tabletten
Toepassingen (= indicaties) o.a.

Endeldarm-kanker (= colorectaal-carcinoom)
Algemeen
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn.
Niet gebruiken bij (= contra-indicaties)

Bloedbeeldafwijkigen, zoals verminderd aantal witte bloedlichaampjes (leukopenie en neutropenie) en/of bloedplaatjes (= trombocytopenie)
Dihydropyrimidine-dehydrogenase-tekort (= DPD-deficiëntie)
Leverziekten, ernsite
Nierziekten, ernstige
Overgevoeligheid of allergie voor dit middel, voor een van de bestanddelen of voor fluoropyrimidinen
Algemeen
Breng ook een vervangende arts of een medisch specialist op de hoogte van eventuele andere ziekten of klachten die u heeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u verkeerde medicijnen krijgt voorgeschreven.
Lees ook de patiëntenbijsluiter om te zien wanneer dit medicijn niet mag worden gebruikt.
Zwangerschap

Dit medicijn niet gebruiken tijdens de zwangerschap (tenzij de arts ander voorschrijft).
Borstvoeding

Tijdens gebruik van dit medicijn geen borstvoeding geven.
Algemeen
Van een belangrijk aantal geneesmiddelen tegen kanker ('chemokuur', 'hormoonkuur', 'anti-hormoonkuur') is bekend dat ze tijdens de zwangerschap schadelijk kunnen zijn. Van de meeste andere is dat niet precies bekend, maar wordt -vanwege hun invloed op de celdeling- schadelijkheid tijdens de zwangerschap niet uitgesloten .
Heel medicijnen komen in de moedermelk terecht en bereiken zo de zuigeling. Gebruik daarom tijdens zwangerschap of borstvoeding alleen medicijnen op doktersrecept .
Vertel ook een vervangende arts of een medisch specialist of u van plan bent zwanger te worden, al zwanger bent of borstvoeding geeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u tijdens de zwangerschap of borstvoeding medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gebruikt.
Raadpleeg uw arts als u van plan bent tijdens zwangerschap of borstvoeding oude medicijnen , zelfzorgmedicijnen of alternatieve middelen te gebruiken.
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over het gebruik van dit medicijn tijdens zwangerschap of borstvoeding.
Verkeer, werk en sport

Dit medicijn kan als mogelijke bijwerking o.a. duizeligheid veroorzaken.
Hiervan kunnen allerlei dagelijkse activiteiten, zoals bezigheden in en rond het huis, deelname aan het verkeer en het bedienen of besturen van machines, ernstige hinder ondervinden.
Algemeen
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de mogelijke invloed van dit medicijn op het reactie-, concentratie- en/of gezichtsvermogen.
Werking

Dit medicijn doodt tumor-cellen.
Algemeen
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de werking van dit middel.
Mogelijke bijwerkingen (o.a.)

Ademnood (dyspnoe)
Angina pectoris
Braken
Buikpijn
Depressie
Diarree
Droge mond
Eetlust, verminderde (= anorexie)
Geelzucht (= icterus)
Gevoelloosheid en tintelingen van de huid
Gewrichtspijn (= artralgie)
Haaruitval (= alopecia)
Handpalmen en voetzolen: rood worden, zwellen en vervellen (= hand-voet-syndroom)
Hartinfarct
Hoofdpijn
Huid-aandoeningen, o.a. roodheid, jeuk, donker worden (= hyperpigmentatie)
Huidontsteking (= dermatitis)
Nagelafwijkingen
Koorts
Longaandoeningen, waaronder hoest zonder opgave van slijm (= niet-productieve hoest)
Lusteloosheid
Maagdarm-stoornissen (= dyspepsie)
Mondontsteking (= stomatitis
Misselijkheid
Neusbloedingen (= epistaxis)
Oogbindvlies-ontsteking (= conjunctivitis)
Pijn in de ledematen
Pijn in de bovenbuik
Pijn op de borst
Slapeloosheid
Smaakstoornissen
Rugpijn
Tranenvloed
Vochtophoping (= oedeem) in de onderste ledematen
Vermoeidheid
Verstopping (= obstipatie)
Uitdroging (= dehydratie)
Winderigheid (= flatulentie)
Zwakte, gevoel van krachteloosheid (= asthenie)
Algemeen
Geneesmiddelen tegen kanker hebben nogal vaak bijwerkingen, waaronder misselijkheid, braken (= emesis), slikproblemen (= dysfagie), diarree, haaruitval (= alopecia), moeheid en onvruchtbaarheid (= infertiliteit) bij de man. De bijwerkingen staan vermeld in de bijsluiter van de verpakking.
Wanneer tijdens het gebruik van dit medicijn effecten optreden die u niet kent, verwacht of vreemd vindt, kan dat wijzen op: (1) een bijwerking van dit medicijn, (2) wisselwerking van dit medicijn met een ander medicijn, voedsel of drank of op (3) overgevoeligheid voor dit medicijn of (4) een allergische reactie op dit medicijn.
Het is mogelijk dat u overgevoelig of allergisch bent (of wordt) voor een bepaald medicijn. Als u weet dat u overgevoelig of allergisch bent voor een bepaald medicijn, moet u dat medicijn niet gebruiken. Vergeet echter niet uw arts te vertellen voor welk(e) middel(en) u overgevoelig bent. Zo voorkomt u dat u dat medicijn nogmaals voorgeschreven krijgt.
Als een medicijn al wat langer op de markt is, worden er niet zelden nieuwe bijwerkingen ontdekt. Hierdoor neemt het aantal "bekende" bijwerkingen van een medicijn soms met de jaren toe. Een al wat ouder medicijn met veel bijwerkingen is daarom niet per se onveiliger dan een nieuw medicijn waarvan nog maar weinig bijwerkingen bekend zijn.
Lees de patiëntenbijsluiter voor meer informatie over de mogelijke bijwerkingen van dit medicijn.
Mogelijke wisselwerkingen (= interacties) o.a.

Allopurinol (= Apurin®, Zyloric®)
Bloedstolling-remmende middelen (= anticoagulantia = 'trombose-middelen'), bepaalde (cumarinen)
Fenytoïne (= iphantoïne®, Epanutin®)
Folinezuur (= Ledervorin®, Leucovorine®, Rescuvolin®)
Itraconazol (Sporanox®, Trisporal®)
Algemeen
Vertel ook een vervangende huisarts of medisch specialist welke medicijnen u gebruikt. Zo kunt u voorkómen dat u medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gecombineerd met medicijnen die u al gebruikt.
Lees ook de patiëntenbijsluiter in de verpakking voor informatie over mogelijke wisselwerkingen van dit medicijn met andere medicijnen, voedsel of dranken.
Gebruik

Zie etiket en de gebruiksaanwijzing in de bijsluiter.
Algemeen
Vraag uw arts of apotheker om uitleg als u niet goed begrijpt hoe u dit medicijn moet gebruiken. Doe dat ook als u dat niet precies (meer) weet of wanneer u dat bent vergeten .
Bewaren

In de verpakking bij kamertemperatuur.
Algemeen
Kleine kinderen denken vaak dat medicijnen eetbaar, drinkbaar of snoepgoed zijn. Bewaar medicijnen daarom altijd buiten bereik van kleine kinderen! .
De meeste medicijnen zijn in de originele verpakking goed houdbaar bij kamertemperatuur (lees ook het bewaarvoorschrift in de bijsluiter).
Bewaar medicijnen niet in een warme en/of vochtige omgeving , zoals een douchecel of badkamer.
De uiterste gebruiksdatum van een medicijn staat vermeld op de verpakking.
Overtollige medicijnen niet bewaren, aan anderen geven of in vuilnisbak of toilet gooien. U kunt ze het beste terugbrengen naar de apotheek.
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de houdbaarheid en de wijze van bewaren van dit middel.
Correct gebruik van medicijnen

In de praktijk wordt maar liefst 50% van alle medicijnen niet, onvoldoende of verkeerd gebruikt! Het gebruik van medicijnen heeft echter alleen zin wanneer ze correct worden gebruikt. Dat wil zeggen nauwkeurig volgens het voorschrift van de arts.
Wanneer u geen of te weinig medicijn gebruikt (= onderdosering), loopt u een groter risico (opnieuw) ziek te worden. Ook kunnen bestaande klachten langer duren dan nodig is of verergeren. Gebruik daarom niet minder medicijn dan is voorgeschreven.
Wanneer u te veel medicijn gebruikt (= overdosering), kan dat leiden tot ongewenste bijwerkingen en zelfs tot ziekenhuisopname. Gebruik daarom niet méér medicijn dan is voorgeschreven.
Overleg eerst met uw arts voordat u de dosering verhoogt.
Vraag uw arts of apotheker om uitleg als u niet precies (meer) weet hoe u uw medicijnen moet gebruiken of wanneer u dat bent vergeten.
Zelf combineren van medicijnen

Combineer recept-medicijnen niet op eigen initiatief met oude medicijnen, die u heeft bewaard, of met zelfzorg-medicijnen. Dit kan namelijk leiden tot ongewenste wisselwerkingen (= interacties).
Vraag eerst advies aan uw arts of apotheker als u naast de medicijnen van de dokter nog andere medicijnen wilt gebruiken.
Vertrouwen in de medicijnen

Voor een goed resultaat is het van groot belang dat u vertrouwen in uw medicijnen heeft. In de praktijk is gebleken dat bij onvoldoende vertrouwen in de medicijnen het gebruik ervan vaak slecht is (= medicatie-ontrouw).
Wanneer u denkt dat u het verkeerde medicijn heeft gekregen, bang voor bijwerkingen bent of denkt dat de medicijnen, die u heeft gekregen, niet of niet voldoende helpen , kan dat uw vertrouwen in de medicijnen ernstig ondermijnen. In dat geval kunt u het beste contact opnemen met uw (huis)arts of apotheker om te bespreken of doorgaan met die medicijnen wel zinvol is.
Bespreek eventuele problemen met betrekking tot uw medicijnen altijd met uw arts of apotheker. Deze kunnen dan uw ongerustheid weg nemen of bekijken of u misschien andere medicijnen nodig heeft.
Medicatiebegeleiding

Gebruik dit middel nauwkeurig volgens voorschrift van uw arts.
Wijk niet af van het voorschrift als de werking u tegenvalt of als u geen klachten (meer) heeft. Ook dan moet u de medicijnen tot de volgende controle volgens voorschrift blijven gebruiken. Overleg daarom altijd eerst met uw arts wanneer u van het voorschrift wil afwijken.
Bespreek uw ervaringen en eventuele problemen met dit medicijn regelmatig met uw arts tijdens de controles. Vertel uw arts ook of u wél of niet tevreden bent met het voorgeschreven medicijn. Die kan dan bekijken of de dosis moet worden aangepast of dat u (nog) andere medicijnen nodig heeft. Ook kan hij dan bekijken of bepaalde bijwerkingen , zoals braken en diarree, kunnen worden verminderd.
Als u problemen met het gebruik heeft of niet (meer) weet hoe u dit middel moet gebruiken, kunt u dat ook met uw apotheker bespreken.
Vergoeding

Dit medicijn is alleen op doktersrecept verkrijgbaar en wordt daarom vergoed volgens de daarvoor geldende regels van de overheid en uw zorgverzekeraar .
Er zijn ook medicijnen die alleen op recept kunnen worden verkregen (= UR-geneesmiddelen), maar slechts ten dele of niet worden vergoed door de zorgverzekeraar.
Vraag uw arts, apotheker of zorgverzekeraar zo nodig om nadere informatie over de vergoeding van uw medicijnen.
Andere informatiebronnen

Bijsluiter bij Xeloda®
Algemeen
U kunt uw arts of apotheker om meer informatie over dit medicijn vragen.
Mogelijke verschijnselen na overdosering (o.a.)

Momenteel beschikken wij niet over informatie betreffende de mogelijke verschijnselen na overdosering.
In principe is na overdosering ook de kans op bijwerkingen groter (zie aldaar).
Algemeen
Blijf kalm, stop het gebruik en neem zo snel mogelijk telefonisch contact op met de (huis)arts of het dichtst bijzijnde ziekenhuis wanneer sprake is van overdosering of wanneer overdosering wordt vermoed.
Hou de bijsluiter of verpakking van het betreffende medicijn bij de hand als u belt of naar een arts, poli of ziekenhuis gaat.
Lees ook de bijsluiter in de verpakking over de mogelijke verschijnselen en de wijze van handelen bij overdosering.




